Marion Korevaar

Vele wegen brachten me tot hier

Ademnood

“Je ademt niet eens”. Een 61-jarige Amerikaan kijkt me verontwaardigd aan. Aan zijn tas bungelt een Caminoschelp. Na vier haarspeldbochten, wat boomstronken en onhandig geplaatste stenen, staat de man hijgend bij te komen. Hoe lang dit zo doorgaat? Diplomatiek antwoord ik dat we bijna bij de eerste rustplek zijn. 5 ademteugen, een paar wandelpassen vooruit, weer wat ademteugen, een wanhopige blik, en en nog wat passen vooruit. Het is de vijfde keer dat ik deze berg op wandel. De klim begint op 2300 meter en eindigt op 3050. Ik voel mee met de man die het zweet van zijn voorhoofd veegt en probeert zijn ademhaling te controleren. Op 3000 meter hebben de meeste mensen geen last van hoogteziekte, maar je merkt wel dat de lucht ijler is.

Ik denk terug aan mijn eerste tocht. Net als de man die voor mij loopt, kwam ik na een paar passen al in ademnood. Trillend op mijn benen probeerde ik de verzuring in mijn kuiten te negeren, terwijl ik me wanhopig afvroeg hoe ik dit nog 18 keer zou gaan doen.

Ik spreek de Amerikaan bemoedigend toe, terwijl ik ondertussen van het uitzicht geniet. De vulkanen Santa Maria en Tajumulco torenen boven het landschap uit. Ik zie Xela, de stad waar ik woon. De Amerikaan en ik vorderen langzaam. Guatemalteken lopen me tegemoet. Ze dragen hout op hun rug. Het kappen van bos is voor hen de goedkoopste manier om hun huis te verwarmen of te koken. De Amerikaan drinkt een slokje water. Ik neem de hoge, oeroude bomen in me op en geniet van alle kleuren op me heen: de verschillende kleuren groen van het bos, de fel gekleurde bloemen, de zon die door de bladerenschijnt.

Ik adem wel, maar je hoort me niet. De helling die eerst zo onmogelijk leek, heeft inmiddels geen geheimen meer voor me. Tijdens mijn vierde wandeltocht, slechts 3 dagen eerder, heb ik mijn weg door het bos weten te vinden door voetsporen te volgen. De ervaren gids op deze route moest onverwachts terugkeren met een wandelaar die ziek was geworden en na 10 minuten klimmen moest afhaken. Bij elk kruispunt bluf ik mezelf de juiste richting uit. De groep volgt me vol vertrouwen. Ik haal opgelucht adem als ik aan het einde van de helling het bos achter me laat en op de juiste plek in het maïsveld uitkom.

Vandaag loop ik echter achteraan. Tussen twee ademhalingen in verontschuldigt de Amerikaan zich. Hij wil mijn hike niet verpesten. Dat doet hij ook niet. Het voelt nog steeds als een voorrecht om hier te mogen wandelen en van de natuur te mogen genieten. Elke hike ben ik fysiek fitter dan de vorige keer en heb ik meer energie over om aandacht te besteden aan mijn omgeving. Ik antwoord dat ik dit werk vrijwillig doe en dat ik hier niet zou lopen als ik dat niet graag zou doen.

De Amerikaan zet door. Van vermoeidheid zet hij soms een pas naast het pad. Ik probeer hem voor valpartijen te behoeden door zijn tas vast te grijpen. De andere wandelaars juichen de Amerikaan toe als we de lunchplek bereiken en Don Pedro onthaalt hem aan het einde van de dag met veel liefde en gastvrijheid in zijn huis.

Als de wekker de volgende ochtend om 3.40 uur gaat, moppel ik tegen mijn medegids dat het midden in de nacht is en ik trek mijn slaapzak nog even over mijn gezicht. 5 minuten later sta ik toch op en maak ik de andere wandelaars wakker.

Ik haal de medkit tevoorschijn, plak wat tape op voeten, deel paracetamol uit, zoek mee naar verloren kledingstukken en maan de wandelaars aan tot haast. De zonsopkomst wacht op ons. De Amerikaan zucht nog eens diep. De laatste meters naar het uitkijkpunt gaan door een stikdonker maïsveld. De wandelaars leggen hun matjes neer, pakken hun slaapzak en kijken verwachtingsvol naar de horizon terwijl wij, de gidsen, water koken en het ontbijt klaarzetten.

Langzaam verkleurt de hemel: van zwart naar donkerblauw, naar rood, roze, oranje en uiteindelijk laat ook de zon zich zien. Fuego erupt en voegt wat donkere aswolken aan het kleurspektakel toe. Ik deel thee, koffie en chocolademelk uit, maak wat foto’s van wandelaars en denk: “Morgen mag ik weer.

Vorige

Hike vulcanoes, help kids

Volgende

Hoog gegrepen

12 Comments

  1. Wim Aanen

    Mooi, Marion! Het enige dat me tegenstaat, is die 03.40 u opstaan, die je noemt! Voor de rest weet je me zo mee te nemen! Liefs vanuit Alphen aan den Rijn!

  2. Priscilla

    Wat fijn om je zo te zien genieten. Geniet nog maar lekker verder.

  3. pieter waalewijn

    “De portier is een invalide.”
    Net als W.F. Hermans weet die dekselse Marion wel hoe je een verhaal moet beginnen. Terwijl ik me als lezer vooral identificeer met de hijgende Amerikaan, heb ik gelukkig genoeg adem om de hele tocht naar boven, met al die schitterende uitzichten, mee te maken.
    Wat een avontuur, Marion! Wat een lef heb je! En wat een geluk dat je dit allemaal zo mag beleven!
    Blijven genieten dus! En blijven schrijven!

    • marionkorevaar

      Wat een compliment, Pieter:). En het is zeker een groot avontuur. Morgen naar het hoogste punt in Midden-Amerika.

  4. Christine

    Klinkt als een superervaring!!!
    Christine

  5. Muriel Paradinas

    Ongelofelijk Marion! Ik heb echt bewondering voor jou! En het is heerlijk om jouw verhalen te lezen 🙂

  6. Annemarieke

    Wauw, Marion! Hier is maar 1 woord voor GEWELDIG!!!

    • marionkorevaar

      Ik kan de tocht echt aanraden. Blijft elke keer mooi. Dinsdag voor het eerst Tajumulco, het hoogste punt in Midden-Amerika:)

  7. Gert

    Wat een prachtig geschreven verhaal Marion.
    Geniet van de volgende tochten.
    Groet vanuit een kil Nederland.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén

%d bloggers liken dit: